Wat u ons vertelde in de bevraging ... 

In het voorjaar brachten we de huidige stand van zaken in kaart. We streefden geen wetenschappelijk onderbouwde feiten na. We wilden graag weten wat er leefde en boven drijft. Hier een korte weergave van wat u ons vertelde.

 

1. U bent over het algemeen best tevreden

Over het algemeen zijn de resultaten positief.
 

  • Over de relatie bewoner - woonzorgcentrum zijn bewoners zeer tevreden, maar bevinden zich vaak nog in de onderdanige rol. Familie hebben de meest uiteenlopende resultaten, maar de negatieve uitspraken zijn toch in de minderheid. Woonzorgcentra geven allerlei bouwstenen voor een goede relatie aan. Familie en bewoners houden het eerder bij ‘het is goed of minder goed’. Nadruk ligt bij hen op aandacht, tijd, communicatie, regie en informatie.
     

  • De relatie familie – woonzorgcentrum staat duidelijk meer onder druk. Hoewel de resultaten nog positief zijn, is hier het meest onvrede te vinden. Het gaat telkens over informatie en openheid. We merken hier – niet onlogisch - het sterkst de invloed van covid. Er zijn naast een aantal zeer ontevreden mensen, echter ook bijzonder lovende families te vinden.  
    We horen vooral veel over informatie en communicatie. Gewoon op de hoogte gehouden worden van hoe het met de bewoner gaat, lijkt de helft van het werk te zijn. Ook voldoende informatie over het reilen en zeilen (in deze periode veel over covid-regels) is nodig. Transparantie en kwetsbaarheid worden hoog in het vaandel gedragen. Toegankelijkheid bevorderen en zich welkom voelen. Mensen betrekken bij de dagdagelijkse werking: samen huishouden maken. Samen vieren, jaarlijkse familiedag, activiteiten: verbondenheid. Familieraad, gebruikersraad en andere vormen om mensen te laten meedenken.

     

  • De relatie bewoner - familie toont de meest uiteenlopende cijfers. Er wordt zeer liefdevol gesproken over de relatie. Waar de bewoner de relatie gewoon goed vindt, worstelt de familie met de veranderende bewoner en zoekt het wzc naar manieren en vormen om de relatie steviger te maken.

2. Na Covid: van ‘ik ken u niet’ tot ‘We hebben u gemist’
Er is heel veel variatie in relatie met familie. Van bewoners ‘die aan de deur zijn afgezet’ door lockdownmaatregelen tot een hechte band met familie. Van onbegrip tot meevoelendheid. Van verkramping tot transparantie in communicatie. Van gemis tot rust. Maar 1 conclusie drijft boven: ieder heeft zijn rol te spelen en elke rol is onontbeerlijk. Het belang van de familie is zeer duidelijk geworden. Dat Trialoog 'The next Step' is, is iedereen het over eens.

 

3. Allemaal naakt aan de start: stevigheid zoeken
Of we nu mekaar al langer kennen of net in het wzc gaan wonen zijn, of we nu al een relatie hadden of niet, of we nu ver gevorderd waren in onze organisatieontwikkeling of nog zoekend: we staan allemaal terug aan de start en zoeken stevigheid. We zoeken terug naar verbinding, naar betekenis, naar zich thuis voelen, naar regie en zeggingskracht. Iedereen Her-stelt zich voortdurend. Her-stel = zoeken naar nieuwe evenwichten, naar stevigheid. De bewoner, familie en ook het woonzorgcentrum zoekt voortdurend naar stevigheid. Dit werken aan stevigheid bindt ons.

Voor de bewoner en familie is er stevigheid nodig na een gewijzigde situatie (verhuis naar het woonzorgcentrum: alles op zijn kop). Voor woonzorgcentra is herstel nodig door voortdurende evolutie en groei en wijziging van maatschappelijke normen.

4. De verschillende focus 
Er is nog geen gedeeld beeld van wat een woonzorgcentrum is en kan zijn tussen de drie partners. Voor de bewoner is het een plek waar hij (gelukkig) terecht kan. Voor de familie is het een zorgomgeving. Voor (vele) woonzorgcentra is het ook een woon- en leefomgeving. Men zit nog niet op dezelfde lijn in opvattingen.
Ook qua actorschap zit er veel verschil tussen de drie partners: van passieve speler over gediende klant tot actief ondernemerschap.

5. Onbekend is onbemind
Waar familie niet tevreden is, merken we dat er ook weinig kennis is. Men weet niets over het wzc, over de bewoner, over het reilen en zeilen. Men begrijpt beslissingen en keuzes niet. Waar veel gecommuniceerd wordt, is de tevredenheid en het vertrouwen beduidend groter. Meenemen in het verhaal en uitgebreid kennis maken, zijn dus sleutelprocessen tot een goede trialoog.

6. De hand in eigen boezem
Woonzorgcentra leggen alle actie bij henzelf. Bijna nergens lezen we negatieve opmerkingen over de familie en over de bewoner. Ze kijken vooral naar wat ze zelf kunnen doen en naar de moeilijkheden in eigen rangen. Woonzorgcentra spreken bijvoorbeeld vaak over de moeilijkheid bij eigen medewerkers om familie ‘toe te laten’.

7. Positief: Met snelle schreden vooruit
Daar waar woonzorgcentra stappen zetten om meer transparantie, openheid en communicatie aan de dag te leggen, zien we snel positieve effecten op familie en bewoners. Daar waar woonzorgcentra familie en bewoners meenemen in een visie en tot gedeelde opvattingen proberen te komen, zien we dat er veel enthousiasme is en samen voor hetzelfde doel gegaan wordt.

 

Koptekst 1